Pasar al contenido principal

In de kledingwinkel

Luisteren A1 Een klant zoekt een trui in de juiste maat en kleur in een kledingwinkel.
Verkoopster: Goedemorgen. Kan ik u helpen?
Klant: Ja, graag. Ik zoek deze trui in maat L.
Verkoopster: Ik ga kijken. Nee, we hebben alleen maat M.
Klant: Jammer. Hebt u de trui in het blauw?
Verkoopster: Ja, de blauwe trui is er wel in maat L.
Klant: Mooi. Ik neem de blauwe trui. Dank u wel.
1. Wat zoekt de man?
2. Welke maat zoekt de man?
3. Is de eerste trui er in maat L?
4. Welke kleur trui koopt de man uiteindelijk?
5. Heeft de winkel de blauwe trui in maat L?