Pasar al contenido principal

Tegenwoordige Tijd: In de Apotheek

Tegenwoordige tijd B1
Ik
al twee dagen last van keelpijn. (hebben)

Tengo dolor de garganta desde hace dos días.

Jij
de apotheker om een goed middel tegen hoest. (vragen)

Pides al farmacéutico un buen remedio para la tos.

De caissière
de klant met de keuze voor een neusspray. (helpen)

La cajera ayuda a la clienta con la elección de un spray nasal.

Wij
onze medicijnen altijd bij deze vertrouwde drogisterij. (halen)

Siempre compramos nuestros medicamentos en esta droguería de confianza.

Jullie
dit recept afgeven voordat jullie de medicatie krijgen. (moeten)

Debes entregar esta receta antes de recibir la medicación.

De assistenten
uitleg over het gebruik van de zalf. (geven)

Los asistentes explican el uso de la pomada.

De apotheek
vandaag tot zes uur open. (zijn)

La farmacia está abierta hoy hasta las seis.

Ik
mijn klantenkaart niet vinden. (kunnen)

No encuentro mi tarjeta de cliente.

Wat
u tegen een droge huid in de winter? (doen)

¿Qué haces para la piel seca en invierno?

Zij
speciaal naar deze drogist voor hun vitamines. (gaan)

Van especialmente a esta droguería para sus vitaminas.