Overslaan en naar de inhoud gaan

Met de bus naar het station

Luisteren A1 Een reiziger vraagt de buschauffeur of de bus naar het station gaat en hoe ze moet betalen.
Reiziger: Goedemorgen. Gaat deze bus naar het station?
Buschauffeur: Goedemorgen. Ja, bus 4 gaat naar het station.
Reiziger: Moet ik hier een kaartje kopen?
Buschauffeur: Nee, u kunt inchecken met uw bankpas.
Reiziger: Oh, dat is makkelijk. Dank u wel!
Buschauffeur: Graag gedaan. Stap maar in.
1. Waar gaat de bus naartoe?
2. Welke bus moet de reiziger hebben?
3. Hoe moet de reiziger betalen?
4. Wat vindt de reiziger van het betalen?
5. Wat mag de reiziger nu doen van de buschauffeur?