← Terug naar overzicht Tegenwoordige tijd B1 Ik Leeg 1 altijd hier, want de benzine is goedkoop. (tanken) Leeg 2 jij de banden even bij, alsjeblieft? (Vullen) De monteur Leeg 3 nu met mijn auto bezig. (zijn) Mijn vrouw Leeg 4 de auto morgen naar de garage voor een beurt. (brengen) Wij Leeg 5 echt de olie laten verversen. (moeten) Leeg 6 jullie contant of met de kaart? (Betalen) De monteurs Leeg 7 het erg druk vandaag. (hebben) Ik Leeg 8 de bon niet vinden. (kunnen) Jij Leeg 9 hier terwijl ik de auto parkeer. (wachten) De motor Leeg 10 raar sinds gisteren. (doen) Volgende oefening → ← Terug naar overzicht