Overslaan en naar de inhoud gaan

Voorzetsels bij vrienden of familie thuis

Voorzetsels B1
We zitten gezellig
de bank.
De kinderen spelen
de tuin.
Zet de glazen maar
tafel.
Ik wacht
mijn neef die zo komt.
We praten vaak
onze vakantieplannen.
De hond ligt
de salontafel.
De thee is klaar
iedereen.
Ze wonen hier al
2020.
We beginnen
zeven uur met eten.
Denk je nog
die mooie herinneringen?