Overslaan en naar de inhoud gaan

Museumbezoek: werkwoorden in de tegenwoordige tijd

Tegenwoordige tijd B1
We
vandaag naar een tentoonstelling over fotografie. (gaan)
Mijn vriendin
dit al lang graag zien. (willen)
Het museum
precies om tien uur de deuren. (openen)
Ik
online alvast de tickets, zo vermijden we de rij. (kopen)
Een suppoost
bij de ingang en controleert de toegang. (staan)
We
meteen een enorme foto van een stad in de nacht. (zien)
De brochure
veel informatie over de verschillende fotografen. (geven)
Mijn vriendin
alle teksten bij de werken aandachtig door. (lezen)
Ik
vooral de zwart-witportretten erg indrukwekkend. (vinden)
Na afloop
we iets in het museumrestaurant. (eten)