Apotheker: Goedemiddag. Wat kan ik voor u doen?
Meneer Bakker: Goedemiddag. Ik kom medicijnen ophalen voor mijn vrouw.
Apotheker: Wat is haar geboortedatum?
Meneer Bakker: Ze is geboren op vier mei, negentien-een-tachtig.
Apotheker: Ja, ik zie het. Ze moet deze tabletten twee keer per dag nemen.
Meneer Bakker: Moet dat tijdens het eten?
Apotheker: Ja, het beste is bij het ontbijt en het avondeten.