Skip to main content

Voorzetsels in de tuin of op het balkon

Voorzetsels B1
We zitten lekker
het balkon te ontbijten.

We are having a nice breakfast on the balcony.

De kinderen spelen
de tuin met de bal.

The children are playing in the garden with the ball.

De gieter staat
de bloempot.

The watering can is next to the flower pot.

Er ligt een kat te slapen
de tuinstoel.

A cat is sleeping under the garden chair.

We drinken koffie
elf uur op het terras.

We drink coffee at eleven o'clock on the terrace.

Ik denk vaak
mijn vakantie als ik op het balkon zit.

I often think about my holiday when I sit on the balcony.

De buurman wacht
zijn pakketje, zittend in de tuin.

The neighbour is waiting for his parcel, sitting in the garden.

We zijn al
de middag bezig in de tuin.

We have been busy in the garden since the afternoon.

De vogel nestelt zich
de heg achterin de tuin.

The bird is nesting in the hedge at the back of the garden.

Ik hou erg
verse kruiden uit mijn eigen balkontuin.

I really love fresh herbs from my own balcony garden.