← Back to overview Een bezoek aan de bank of het postkantoor A2 Ik Blank 1 een nieuwe spaarrekening. (openen) De bankmedewerker Blank 2 mij vriendelijk. (helpen) Jij Blank 3 het formulier snel in. (invullen) Wij Blank 4 even in de rij. (wachten) De klant Blank 5 zijn rekening met de pinpas. (betalen) U Blank 6 misschien een vraag over uw lening? (hebben) Zij Blank 7 een belangrijk pakketje naar het buitenland. (versturen) Het postkantoor Blank 8 om vijf uur. (sluiten) Jullie Blank 9 hier ook paspoortfoto's maken. (kunnen) Ik Blank 10 later nog geld opnemen. (moeten) Next exercise → ← Terug naar overzicht