Przejdź do treści

De juiste voegwoorden op de camping

Grammatica B1
De stroom viel uit op de camping,
we moesten kaarsen aansteken.

Zostało prąd na kempingu, więc musieliśmy zapalić świece.

De kinderen wilden naar het zwembad,
het was al gesloten.
We speelden kaartspelletjes in de voortent,
plotseling een storm opstak.

Dzieci chciały iść do basenu, ale już był zamknięty.