Beter een goede buur: Sonja over buurtbemiddeling
Read along (transcript)
Ruben: Waarom maken we zo snel ruzie met de mensen die het dichtst bij ons wonen? Soms kan een dichtslaande deur of een tikkende hak op het laminaat al genoeg zijn voor een jarenlange burenstrijd. Is de grens van onze verdraagzaamheid bereikt?
Ruben: Welkom bij TalkDutch. Mijn gast van vandaag is Sonja, eenenvijftig jaar, en al ruim zeven jaar buurtbemiddelaar in Utrecht. Ze heeft honderden burenruzies van dichtbij meegemaakt en geprobeerd de vrede te herstellen. Sonja, jij stapt vrijwillig binnen in huizen waar de spanning om te snijden is. Waarom doe je dit werk?
Sonja: [laughs] Ja, die vraag krijg ik vaker! Maar ik geloof dat bijna niemand écht ruzie wil. Mensen raken gewoon verstrikt in hun eigen frustratie. Als de communicatie eenmaal op slot zit, is er een buitenstaander nodig om de sleutel te vinden. Het geeft me ontzettend veel voldoening als ik twee mensen, die elkaar eerst niet konden luchten of zien, na een gesprek weer samen een kop koffie zie drinken.
Ruben: Maar hoe begint zoiets? Is er een klassiek patroon bij burenruzies?
Sonja: Absoluut. Het begint bijna altijd met iets heel kleins. Een hond die overdag blaft, een kliko die op de verkeerde plek staat, of muziek die net iets te hard staat. Maar de echte ruzie ontstaat door de manier waarop we ermee omgaan. In plaats van meteen vriendelijk aan te bellen als de irritatie nog klein is, wachten mensen. Ze potten het op. En als de bom dan eenmaal barst, is de reactie vaak veel te heftig.
Ruben: We zijn in Nederland natuurlijk best trots op onze directe cultuur. Waarom stappen we dan niet gewoon direct op onze buren af?
Sonja: Nou... die directheid is soms een mythe, hoor. Zeker als het over onze eigen veilige haven gaat — ons huis. Dan vinden we confrontatie ineens heel spannend. In plaats van een open gesprek te voeren, gaan mensen passief-agressief gedrag vertonen. Boze briefjes schrijven, of expres hard terug bonken op het plafond. Want ja, stel je voor dat de buurman agressief reageert? Die angst zit heel diep.
Ruben: Ja, je bouwt een soort dossier op in je hoofd. Elke stap die de buurman zet, is een bewijs van zijn slechte karakter.
Sonja: Precies! Dat noemen we in de psychologie de fundamentele attributiefout. Als we zelf iets fout doen, komt dat door de omstandigheden. Als de ander iets fout doet, komt dat door zijn karakter. Dus: "Mijn radio staat hard omdat ik vandaag jarig ben. De radio van de buurman staat hard omdat hij een asociale egoïst is." [laughs] Als je dat patroon kunt doorbreken, ben je al halverwege.
Ruben: En hoe doe je dat dan, als bemiddelaar? Wat is jouw geheim?
Sonja: Luisteren zonder oordeel. Mijn eerste taak is om naar beide verhalen apart te luisteren. En wat me altijd opvalt, is dat het bijna nooit gaat over dat laminaat of die boom in de tuin. Dat zijn slechts de symptomen. Het gaat over erkenning. Neem een zaak die ik vorig jaar had. Twee buren hadden enorme ruzie over een overhangende tak van een kersenboom. Het escaleerde volledig. Toen ik apart met de buurman sprak, bleek dat die boom door zijn overleden vader was geplant. Het was zijn laatste herinnering aan hem. De buurvrouw wist dat helemaal niet. Toen dat eenmaal op tafel lag tijdens ons gezamenlijke gesprek... nou, de sfeer sloeg in één klap om. Ze kwamen er heel snel uit.
Ruben: Wat een mooi voorbeeld. Het laat zien dat we vaak te snel invullen wat de motivatie van de ander is. Maar we wonen natuurlijk ook wel heel dicht op elkaar. Is het niet ook gewoon een kwestie van ruimtegebrek?
Sonja: Dat speelt zeker mee. De druk op de woningmarkt is enorm, we wonen kleiner. Maar juist daarom is sociale cohesie zo belangrijk. Als je je buren kent, kun je veel meer van ze hebben. Als de buurjongen van verderop een feestje geeft en je kent hem, dan gun je hem dat. Maar als je hem niet kent, is het alleen maar anonieme geluidsoverlast. Investeren in contact is eigenlijk de beste geluidsisolatie die er is.
Ruben: Dat is een hele mooie uitspraak. Maar wat nou als één van de partijen echt niet wil? Heb je weleens meegemaakt dat een bemiddeling volledig mislukte?
Sonja: Ja, natuurlijk. We zijn geen tovenaars. Buurtbemiddeling is altijd vrijwillig. Als iemand de deur dichtgooit, houdt het op. Soms is er ook sprake van psychiatrische problematiek of verslaving. Dan moeten we doorverwijzen naar professionele hulpverlening. Dat is weleens frustrerend, want je gunt iedereen een rustig thuis. Ik zie mensen echt fysiek ziek worden van de stress van een burenruzie. Ze durven hun eigen tuin niet meer in. Het is slopend.
Ruben: Als je nu terugkijkt naar al die jaren, ben je dan optimistischer of pessimistischer geworden over hoe we met elkaar samenleven?
Sonja: [sighs] Nou... eigenlijk optimistischer. Ondanks alle polarisatie merk ik dat de meeste mensen diep vanbinnen behoefte hebben aan rust en verbinding. Ze willen begrepen worden en zijn best bereid om concessies te doen, mits ze zich gerespecteerd voelen. Dat polderen zit toch nog steeds in ons bloed. We moeten alleen soms even geholpen worden om die eerste stap te zetten.
Ruben: Prachtig om te horen. Sonja, tot slot: wat is de belangrijkste les die je onze luisteraars vandaag zou willen meegeven?
Sonja: Wacht niet tot er een probleem is om contact te maken. Zeg eens gedag in het trappenhuis, of maak een praatje bij de kliko. Bouw dat sociale kapitaal op als het goed gaat. Want als er dan een keer wél overlast is, is de drempel om het op een vriendelijke manier te bespreken zoveel lager. Een goede buur is echt beter dan een verre vriend, maar je moet er wel zelf een beetje in investeren.
Ruben: Dank je wel, Sonja, voor je inspirerende werk en je komst naar de studio vandaag.
Sonja: Heel graag gedaan, Ruben.
Ruben: Dit gesprek zet me wel aan het denken over hoe ik zelf met mijn buren omga. Misschien toch maar eens die nieuwe buurman uitnodigen voor een kop koffie. Alles rustig nalezen? Dat kan gratis op talkdutch punt nl.