Skip to main content
TalkDutch Podcast B2/C1 17 July 2026 6:34 min

De jacht op stilte: Boswachter Hugo over de drukke natuur

Listen to this episode
Read along (transcript)

Ruben: Wanneer was de laatste keer dat je de stilte écht kon horen? Geen zoemende snelweg op de achtergrond, geen tjilpende melding op je telefoon. Gewoon... niets. Echte stilte is in ons dichtbevolkte Nederland een zeldzaam luxeproduct geworden.

Ruben: Welkom bij TalkDutch. Ik ben Ruben, en vandaag zit ik aan tafel met Hugo. Hugo is al ruim twintig jaar boswachter op de Veluwe, een van de grootste natuurgebieden van ons land. Hij ziet dagelijks hoe duizenden Nederlanders de drukke stad ontvluchten om rust te zoeken in zijn bos. Maar hoe stil is dat bos eigenlijk nog? En hoe bewaren we de balans tussen recreatie en de kwetsbaarheid van de natuur? Dag Hugo, fijn dat je er bent.

Hugo: Dank je wel, Ruben. Goed om hier te zijn.

Ruben: Laten we meteen met die stilte beginnen. Bestaat die nog wel in Nederland? Want als ik op de Veluwe wandel, hoor ik toch bijna altijd wel ergens een verre snelweg of een vliegtuig.

Hugo: [sighs] Ja, dat klopt. Als je puur wetenschappelijk naar stilte kijkt, dus de volledige afwezigheid van menselijk geluid... dan moet ik je teleurstellen. Dat bestaat in Nederland nagenoeg niet meer. Er is altijd wel een bepaalde ruis. Maar stilte is ook een beleving, hè? Het gaat erom dat de natuurlijke geluiden de overhand hebben. De wind door de boomtoppen, het ritselen van een hagedis in het droge loof. Als dát het hoofdpodium krijgt, dan ervaren mensen dat als stilte. Maar het wordt wel steeds moeilijker om die plekken te vinden, dat geef ik onmiddellijk toe.

Ruben: En toch trekken we er massaal op uit. Zeker sinds de coronapandemie lijkt het wel alsof heel Nederland het bos heeft ontdekt. Is dat een zegen of een vloek voor jou als boswachter?

Hugo: Nou, het is een dubbel gevoel. Aan de ene kant vind ik het prachtig. Ik bedoel, ik gun iedereen die verbinding met de natuur. We hebben het nodig om op te laden, om te ontsnappen aan de waan van de dag. Maar aan de andere kant... tja, we overstromen de natuur soms een beetje. Mensen nemen hun stedelijke dynamiek mee naar het bos. Ze lopen hard met muziek op, laten hun honden loslopen waar dat niet mag, of laten simpelweg hun afval achter. Het bos wordt dan een soort buitenspeeltuin of een gratis sportschool. En dan gaat de ecologische waarde verloren.

Ruben: Je zegt 'de natuur consumeren'. Dat vind ik wel een mooie term. Wat bedoel je daar precies mee?

Hugo: Nou, dat we de natuur zien als iets wat er puur voor ons is. Een product dat we kunnen gebruiken om onze stress te verminderen. 'Ik heb een drukke week gehad, dus nu ga ik even de natuur in om te ontspannen.' Dat is op zich prima, maar het is eenrichtingsverkeer. We vergeten vaak dat we te gast zijn in de huiskamer van de das, de ree en de specht. Als wij daar luidruchtig doorheen denderen, verstoren we hun leefgebied. Dieren durven niet meer te foerageren, raken gestrest. We moeten leren om met meer ontzag, met meer bescheidenheid in het bos te zijn.

Ruben: Hm. Maar hoe doe je dat dan? Want ik kan me voorstellen dat mensen denken: 'Ik loop toch gewoon op het pad? Wat maakt dat beetje geluid nou uit?'

Hugo: Dat hoor ik inderdaad heel vaak. 'Ik doe toch niks verkeerd?' Maar het gaat om het cumulatieve effect. Eén wandelaar die praat is geen probleem. Maar honderd wandelaars achter elkaar, de hele dag door, dat zorgt voor een constante bron van onrust voor de fauna. En als mensen dan ook nog eens van de paden afwijken om die ene perfecte foto voor Instagram te maken... ja, dan verstoor je de kraamkamers van het bos. Rustgebieden zijn er niet voor niets. Als we die grenzen niet respecteren, jagen we de dieren letterlijk weg.

Ruben: Is het dan een optie om bepaalde delen van de natuur gewoon helemaal af te sluiten voor mensen? Gewoon de hekken dicht en klaar?

Hugo: [laughs] Dat is een hele prikkelende vraag. En eerlijk gezegd: als ecoloog zou ik soms 'ja' willen zeggen. Sommige kwetsbare gebieden zouden er enorm van opknappen als er een paar jaar lang helemaal geen mens voet over de drempel zet. Maar als boswachter weet ik ook dat dat niet werkt. Want hoe creëer je draagvlak voor natuurbescherming? Juist door mensen te laten zien en voelen hoe mooi het is. Als je iets niet kent, ga je het ook niet beschermen. Dus we moeten die balans zoeken. Niet verbieden, maar reguleren en opvoeden.

Ruben: Opvoeden... dat klinkt een beetje streng. Hoe doe je dat in de praktijk als je een wandelaar aanspreekt die zich niet aan de regels houdt?

Hugo: Oh, dat is de kunst van het vak! Als ik meteen met het vingertje ga wijzen en zeg: 'Dat mag niet, dat is een boete', dan schieten mensen direct in de verdediging. Dan luisteren ze niet meer. Ik probeer altijd het gesprek aan te gaan vanuit verwondering. Dus als ik iemand zie met een loslopende hond in een broedgebied, zeg ik niet direct: 'Lijn die hond aan.' Ik vraag: 'Heeft u die vogel daar net gezien? Dat is een boompieper. Die broedt op de grond, vlak naast het pad. Als uw hond daar snuffelt, schrikt de moeder en gaan de eieren dood.' Dan zie je bijna altijd de knop omgaan. Mensen willen het vaak wel goed doen, ze weten het gewoon niet.

Ruben: Ja, dat snap ik. Je maakt ze bewust van de context. Maar zeg eens, Hugo... je doet dit werk nu twintig jaar. Ben je zelf eigenlijk veranderd in die tijd? Ben je stiller geworden?

Hugo: Absoluut. Vroeger was ik ook een stadsjongen, hoor. Altijd onderweg, altijd lawaai om me heen. Maar het bos dwingt je tot vertraging. Als je urenlang alleen in het bos loopt, ga je anders kijken, maar vooral anders luisteren. Je zintuigen worden scherper. Ik kan nu aan de roep van een vlaamse gaai horen of er een wandelaar aankomt, of dat er een roofvogel in de buurt is. Dat is een soort geheimtaal die je langzaam leert begrijpen. En die rust... die neem je mee naar huis. Ik heb thuis ook bijna nooit meer de radio of de televisie aanstaan. Ik geniet veel meer van de stilte.

Ruben: Wat fascinerend. Dat klinkt bijna als een meditatieve staat. Maar is het soms ook niet eenzaam? Zo alleen in dat enorme bos, uren achter elkaar?

Hugo: Nee, nooit. Ik voel me juist heel erg verbonden. Als ik in het bos ben, ben ik nooit echt alleen. Er is zoveel leven om me heen. Eenzaamheid voelde ik vroeger wel eens in de stad, als ik omringd was door duizenden mensen met wie ik geen enkel contact had. In het bos is alles met elkaar verbonden. De schimmelnetwerken onder de grond, de bomen die met elkaar communiceren... dat is een ongelooflijk boeiend systeem. Daar voel ik me juist heel erg thuis.

Ruben: Prachtig gezegd. We lopen langzaam naar het einde van ons gesprek. Wat zou je onze luisteraars willen meegeven als ze de volgende keer het bos in stappen? Wat is jouw gouden tip om de natuur anders te ervaren?

Hugo: Mijn tip is heel simpel: ga eens buiten de piekuren. Ga niet op zondagmiddag om twee uur, maar sta eens op met zonsopgang. En als je er bent... loop dan niet alleen maar om kilometers te maken. Zoek een mooie boom op, ga eronder zitten en doe tien minuten lang helemaal niets. Praat niet, kijk niet op je telefoon, maar luister alleen. Laat het bos aan jou wennen. Je zult merken dat na een minuut of vijf de vogels weer durven te zingen en het leven om je heen gewoon doorgaat alsof je er niet bent. Dat is het mooiste cadeau dat je jezelf kunt geven.

Ruben: Dank je wel, Hugo. Voor je inspirerende woorden en voor het bewaken van onze bossen.

Hugo: Graag gedaan, Ruben. Dank je voor de uitnodiging.

Ruben: Dit was TalkDutch voor vandaag. Hopelijk helpt deze aflevering je om de stilte op te zoeken en er met andere ogen naar te kijken. Alles rustig nalezen? Dat kan gratis op talkdutch punt nl.