Skip to main content
TalkDutch Podcast B2/C1 21 October 2026 6:00 min

Het geluid van de stad: de magie van het carillon

Listen to this episode
Read along (transcript)

Daan: Wist je dat Nederland wereldwijd de hoogste dichtheid aan carillons heeft? Nergens anders klinkt er zo vaak live muziek uit een kerktoren over het winkelend publiek of de markt. Maar wie zit er daarboven in de kou, terwijl de hele stad ongemerkt meeluistert?

Daan: Welkom bij TalkDutch. Ik ben Daan. Vandaag zit ik aan tafel met Boudewijn, al meer dan twintig jaar stadsbeiaardier. Elke week beklimt hij honderden treden om een loodzwaar instrument van brons te bespelen. Boudewijn, welkom.

Boudewijn: Dank je wel, Daan. Leuk om hier te zijn.

Daan: Neem me eens mee naar zo'n ochtend. Je staat onder aan de toren. Wat gaat er door je heen voordat je naar boven gaat?

Boudewijn: Nou... het begint eigenlijk altijd met die klim. Driehonderdvierentwintig smalle, stenen treden. Tegen de tijd dat je boven bent, ben je al behoorlijk opgewarmd. En als je de sleutel in het zware houten deurtje steekt, stap je echt een andere wereld binnen. Boven in de toren is het stil, winderig soms, en het ruikt er naar oud hout en metaal. Je kijkt uit over de hele stad, terwijl beneden de mensen als kleine stipjes door de winkelstraten bewegen.

Daan: En zij hebben geen idee dat jij daar staat.

Boudewijn: Klopt. Dat is het bijzondere. Je bent heel dichtbij en toch volkomen onzichtbaar.

Daan: Mocht iemand zich er niets bij kunnen voorstellen: hoe bespeel je een carillon precies? Want het is geen piano, toch?

Boudewijn: Nee, absoluut niet. Veel mensen denken dat we op een soort orgel spelen met toetsen, maar een carillon — of een klokkenspel, zoals we het ook noemen — heeft een stokkenklavier. Dat zijn dikke houten pinnen die uit het toestel steken. Die bespeel je met losse, gebolde vuisten. En voor de laagste en zwaarste klokken gebruik je pedalen, precies zoals bij een orgel, maar dan met je voeten.

Daan: [laughs] Met je vuisten? Dus het is fysiek echt een sport?

Boudewijn: Jazeker. Die houten pinnen zitten via stalen draden rechtstreeks verbonden met de klepels in de klokken. Als je een klok van drieduizend kilo wilt laten klinken, moet je kracht zetten. Je kunt niet zomaar even aaien over de toetsen. Na een uur spelen ben ik echt bezweet. Het vraagt uithoudingsvermogen, maar tegelijkertijd moet je heel verfijnd kunnen spelen om nuance in het geluid te krijgen.

Daan: Hm, fascinerend. Waarom is deze traditie eigenlijk zo diep geworteld in Nederlandse steden? Waar komt die fascinatie voor klokken en torenmuziek vandaan?

Boudewijn: Dat gaat echt eeuwen terug, naar de vijftiende en zestiende eeuw. In de Lage Landen — dus Nederland en Vlaanderen — waren steden rijk door de handel. En de toren van het stadhuis of de kerk was het symbool van de stad. Steden begonnen met elkaar te concurreren: wie had het grootste en mooiste carillon? Het was status. Maar het had ook een heel praktische functie. Die klokken gaven niet alleen de tijd aan, maar waarschuwden ook voor brand of gevaar. En op marktdagen speelde de beiaardier om de sfeer te verhogen. Het was eigenlijk de eerste vorm van openbare luidsprekers in onze steden.

Daan: [laughs] De Spotify van de Gouden Eeuw, zou je kunnen zeggen.

Boudewijn: [laughs] Precies dat! Het was de enige manier om muziek over een hele stad te verspreiden.

Daan: Maar toen speelde men waarschijnlijk psalmen of klassieke composities. Hoe zit dat nu? Wat speel jij als je daarboven zit?

Boudewijn: Dat is enorm veranderd. Natuurlijk speel ik nog steeds werk van Bach of oude Nederlandse volksliedjes, maar ik speel evengoed popmuziek. Als er een bekende artiest overlijdt, of als het Bevrijdingsdag is, of gewoon op een zonnige zaterdagochtend, pas ik het programma aan. Ik heb weleens nummers van David Bowie of Coldplay gespeeld, maar ook kinderliedjes tijdens de intocht van Sinterklaas.

Daan: Ja, mooi... En hoe reageren mensen beneden daarop? Want je hoort geen gejoel of applaus op tachtig meter hoogte.

Boudewijn: Dat is soms wel een beetje vreemd, ja. Je geeft een concert voor duizenden mensen, maar als je klaar bent, is het stil. Geen applaus, geen handdrukken. Maar het mooiste gebeurt vaak pas als ik na afloop de toren afdaal. Dan loop ik naar beneden, haal ik een kop koffie bij de bakker op het plein, en dan hoor ik mensen praten. 'Heb je gehoord wat de toren net speelde?' Dat ze er niet bij stilstaan dat de man die achter hen in de rij staat voor een croissantje, net die muziek heeft gemaakt... dat heeft wel iets magisch.

Daan: Oké, maar toch even... Vindt iedereen het altijd zo leuk? Ik kan me voorstellen dat niet elke buurtbewoner op zondagochtend om negen uur zit te wachten op een hard klokkenspel.

Boudewijn: Nou... eerlijk is eerlijk: je kunt het niet iedereen naar de zin maken. Klokkengeluid draagt ver en het is heel aanwezig. Tegenwoordig zijn mensen sneller geneigd om te klagen over geluid in de stad. Als iemand thuis probeert te werken en de beiaardier begint te oefenen, kan dat schuren. Ik moet als stadsbeiaardier dus heel bewust nadenken over wanneer ik speel en wat ik speel. Het moet een verrijking zijn voor de stad, geen ergerlijke geluidsoverlast. Balans is daarin heel belangrijk.

Daan: Ja, helder. Het vraagt dus ook een soort culturele tact.

Boudewijn: Absoluut. Je bespeelt niet alleen een instrument, je bespeelt het akoestische klimaat van een hele binnenstad.

Daan: Boudewijn, we lopen langzaam naar het einde van ons gesprek. Wat zou je onze luisteraars willen meegeven als ze de volgende keer door een Nederlandse stad lopen en een carillon horen?

Boudewijn: Blijf heel even stilstaan. Kijk omhoog naar die oude toren en besef dat er op dat exacte moment een mens van vlees en bloed staat te zwoegen om jouw dag een heel klein beetje mooier te maken. Het is een levend ambacht, geen bandje dat afspeelt. Koester dat geluid, want het verbindt ons met generaties voor ons.

Daan: Wat een mooie gedachte. Boudewijn, ontzettend bedankt voor dit boeiende gesprek en voor het levend houden van deze bijzondere traditie.

Boudewijn: Heel graag gedaan, Daan.

Daan: Wil je meelezen? Het transcript staat gratis op talkdutch punt nl.