Samen wonen met dertig buren: de droom of de nachtmerrie?
Acompanhe a leitura (transcrição)
Noor: Stel je voor: je deelt de tuin, de wasmachines, de gereedschapsschuur en zelfs een logeerkamer met dertig buren. Klinkt dat als een droom van verbinding, of juist als je grootste angst?
Noor: Welkom bij een nieuwe aflevering van TalkDutch. Vandaag praat ik met Marjan, vierenvijftig jaar oud. Zij woont al vijftien jaar in een project voor Centraal Wonen. Geen commune uit de jaren zeventig met vage regels, maar een bewuste, moderne keuze voor delen en ontmoeten, mét een eigen voordeur. Marjan, ontzettend fijn dat je er bent.
Marjan: Dank je wel, Noor. Leuk om hier te zijn.
Noor: Laat ik meteen met de deur in huis vallen. Vijftien jaar op dezelfde plek wonen met zoveel mensen om je heen... Ben je die buren nooit eens helemaal zat?
Marjan: [laughs] Nou, eerlijk? Natuurlijk wel eens! We zijn tenslotte allemaal mensen met onze eigen handleiding en onze eigen gebruiksaanwijzingen. Er zijn echt wel dagen dat ik thuiskom van mijn werk en denk: nu even helemaal niemand aan mijn hoofd. Maar het mooie van ons project is: dat kan dus ook gewoon. Ik sluit mijn eigen voordeur achter me dicht en dan ben ik echt in mijn eigen domein. Dat is het grote verschil met de woongroepen van vroeger, waar je bijna geen privacy had.
Noor: Ja, want dat is wel het klassieke vooroordeel dat veel mensen hebben, toch? Een soort geitenvollensokken-sfeer waar je verplicht samen moet eten, spiritueel moet doen en alles moet delen. Hoe ziet dat er bij jullie in de praktijk uit?
Marjan: Nou, we hebben dus allemaal een volwaardig eigen appartement. Met een eigen keuken, badkamer, slaapkamer en woonkamer. Maar daarnaast delen we een enorme binnentuin, een klusruimte, een gezamenlijke keuken met een eetzaal, en een aantal professionele wasmachines. We koken een paar keer per week voor wie dat wil. Je schrijft je van tevoren in via een app en je schuift aan. Soms zit je met vijf man te eten, soms met twintig. Niks is verplicht, dat is de gouden regel.
Noor: Oké, dus het is heel vrijblijvend aan de ene kant. Maar aan de andere kant... hoe zit het dan met beslissingen nemen? Want met dertig volwassenen besluiten wat er met de tuin gebeurt, of welke kleur de gemeenschappelijke gangen moeten worden... dat lijkt me eerlijk gezegd een bureaucratische nachtmerrie.
Marjan: Oh, dat kan het soms ook echt zijn. [sighs] We werken op basis van consensus. Dat betekent dat we niet zomaar stemmen waarbij de meerderheid wint, maar dat we doorpraten tot iedereen zich in elk geval in het besluit kan vinden. Dat vergt heel veel geduld en ook wel een beetje incasseringsvermogen. Je moet je eigen ego soms echt even opzij kunnen zetten voor het grotere belang. Soms vergaderen we over de kleinste dingen.
Noor: Hm, dat herken ik wel van eindeloze vergaderingen op het werk. Maar thuis wil je toch juist de baas zijn over je eigen omgeving? Waarom kies je hier dan toch voor? Wat brengt het je, als je die frustratie op de koop toe neemt?
Marjan: Voordat ik hier kwam wonen, woonde ik in een typische Vinex-wijk. Een nette straat, keurige huizen. Maar ik merkte dat ik me daar best wel eenzaam voelde. Iedereen leefde achter zijn eigen schutting. Je groette elkaar wel, maar het bleef heel oppervlakkig. Hier brengt het me een enorme rijkdom aan contacten en een gevoel van geborgenheid. Toen mijn kinderen nog klein waren, was het fantastisch. Er liepen hier altijd speelkameraadjes rond en er was altijd wel een andere ouder die een oogje in het zeil hield. En nu de kinderen de deur uit zijn, merk ik dat die sociale cohesie me nog steeds heel veel doet. Als ik griep heb, staat er binnen een uur een pan soep voor mijn deur. Zonder dat ik erom hoef te vragen.
Noor: Ja, dat is natuurlijk wel heel warm. Maar is er dan geen sociale controle die benauwend kan werken? Dat mensen precies zien wanneer je thuiskomt, of wie er bij je op bezoek komt?
Marjan: Dat gevaar ligt er natuurlijk altijd, en dat is een dunne grens. Maar we hebben daar door de jaren heen heel duidelijke ongeschreven regels voor ontwikkeld. We respecteren elkaars privacy strikt. Als mijn gordijnen dicht zijn, klopt er niemand aan. En als je op de gang loopt, hoef je echt niet met iedereen een diep gesprek aan te gaan. Een simpele knik of een 'hallo' is ook prima. Het heeft ook te maken met je eigen grenzen leren aangeven. In het begin vond ik dat heel moeilijk. Ik dacht dat ik bij elke werkgroep moest aansluiten en overal een mening over moest hebben. Maar na een paar jaar leer je wel dat je niet overal je plasje over hoeft te doen.
Noor: En hoe zit het met de praktische kant? Het schoonmaken van die gezamenlijke ruimtes, de wasmachines onderhouden... dat soort dingen leidt in studentenhuizen vaak tot enorme ruzies. Hoe lossen jullie dat op?
Marjan: [laughs] Nou, studenten zijn we allang niet meer, gelukkig! We hebben een strak corveesysteem. Iedereen is ingedeeld in een vaste commissie. De één doet de tuin, de ander het onderhoud van de wasmachines, en weer een ander poetst de gemeenschappelijke keuken. En ja, natuurlijk is er wel eens irritatie als iemand zijn keukengerei niet goed afwast of zijn was te lang in de machine laat zitten. Maar we spreken elkaar daar gewoon op aan. Dat is de sleutel: direct en vriendelijk communiceren, in plaats van passief-agressieve briefjes ophangen.
Noor: Dat klinkt heel volwassen inderdaad. Heb je een voorbeeld van een conflict dat toch echt even hoog opliep? Waar het compromis heel ver te zoeken was?
Marjan: Ja, de kippenren! Een paar jaar geleden wilden een aantal bewoners kippen in de binnentuin. Dat vonden de meesten een fantastisch idee, heel idyllisch en gezellig. Maar twee buren waren fel tegen vanwege de mogelijke stank en de angst voor ongedierte. Nou, die discussie heeft echt maanden geduurd. Er werden plannen geschreven, we hebben uren vergaderd over de exacte locatie en het type gaas... Op een gegeven moment dacht ik echt: waar máken we ons in hemelsnaam druk om? Het zijn maar kippen!
Noor: [laughs] En, hoe is dat afgelopen? Zijn de kippen er gekomen?
Marjan: Uiteindelijk wel, maar met heel strenge voorwaarden. Er mocht absoluut geen haan komen vanwege het gekraai in de vroege ochtend, het hok moest op een specifieke plek ver van de slaapkamers van de tegenstanders staan, en de verzorging werd strikt geregeld door een klein ploegje liefhebbers. En weet je wat het grappige is? Een van die buren die destijds zo fel tegen was, zit nu regelmatig met een kop koffie op een bankje naar die kippen te kijken. Dat vind ik dan zo mooi. Maar het laat wel zien dat je voor deze manier van wonen echt wel flexibel moet zijn. Je moet bereid zijn om water bij de wijn te doen.
Noor: Precies, en dat is misschien wel een vaardigheid die we in de huidige maatschappij een beetje aan het verliezen zijn. We willen vaak dat alles precies op onze eigen manier gaat. Zou je kunnen zeggen dat gemeenschappelijk wonen een antwoord is op de individualisering?
Marjan: Ja, absoluut. Het is een actieve manier om de individualisering tegen te gaan, zonder dat je je eigen identiteit verliest. Maar je moet er wel echt het karakter voor hebben. Als je heel erg gesteld bent op totale controle over je hele omgeving en snel gestrest raakt van andermans rommel of meningen, dan word je hier waarschijnlijk heel ongelukkig. Maar als je openstaat voor anderen en kunt relativeren, dan krijg je er een heleboel warmte en gezelligheid voor terug.
Noor: Prachtig verwoord, Marjan. We naderen alweer het einde van ons gesprek. Wat zou jij onze luisteraars willen meegeven als ze nadenken over hun eigen woonsituatie of de relatie met hun buren?
Marjan: Ik zou willen zeggen: begin eens klein met delen. Geen grote verhuizing, maar klop eens bij je buren aan om te vragen of je die ladder mag lenen in plaats van hem meteen te kopen. Of bied aan om op de kat te passen als ze een weekendje weg zijn. De drempel is in ons eigen hoofd vaak veel hoger dan in de realiteit. Juist die kleine, alledaagse contacten maken dat je je ergens echt thuis voelt.
Noor: Wat een mooie, praktische boodschap om mee af te sluiten. Ontzettend bedankt voor je komst naar de studio en je inspirerende verhaal, Marjan.
Marjan: Heel graag gedaan, Noor. Het was me een genoegen.
Noor: En voor de luisteraars: hoe kijken jullie hiernaar? Zouden jullie meer willen delen met je buren, of hechten jullie toch te veel aan je volkomen privacy? Laat het ons weten. Wil je dit gesprek nog eens rustig nalezen? Het transcript van deze aflevering staat gratis op talkdutch punt nl. Tot de volgende keer!