← Terug naar overzicht Tegenwoordige tijd B1 Ik Leeg 1 me de laatste dagen niet zo goed. (voelen) Jij Leeg 2 morgen weer bellen voor de uitslag van de test. (kunnen) De verpleegkundige Leeg 3 de bloeddruk van de patiënt. (meten) Wij Leeg 4 hier voor een controle-afspraak bij de cardioloog. (zijn) Jullie Leeg 5 al lang in de wachtkamer op de dokter. (wachten) Mijn ouders Leeg 6 veel vragen voor de specialist. (hebben) De dokter Leeg 7 een recept voor antibiotica uit. (schrijven) Leeg 8 u alstublieft zitten, mijnheer, dan help ik u zo. (Gaan) Ik Leeg 9 over drie weken terug voor de volgende afspraak. (komen) Het Leeg 10 nog steeds een beetje pijn als ik loop. (doen) Volgende oefening → ← Terug naar overzicht