← Terug naar overzicht Luisteren A1 Een meneer wil zich inschrijven bij de sportschool en vraagt naar de prijs. Lees mee (transcript)Medewerker: Goedemorgen. Kan ik u helpen? Meneer: Ja, hallo. Ik wil graag sporten. Medewerker: Dat kan! Wilt u een pasje kopen? Meneer: Ja, graag. Wat kost een pasje voor één maand? Medewerker: Dat kost dertig euro. Meneer: Prima. Ik betaal met de pin. Medewerker: Dank u wel. Veel plezier! 1. Waar is de meneer? A. Bij de sportschool B. In de supermarkt C. Bij de dokter 2. Wat wil de meneer doen? A. Werken B. Sporten C. Slapen 3. Wat wil de meneer kopen? A. Een fiets B. Een ticket C. Een pasje 4. Hoeveel kost het pasje voor één maand? A. 13 euro B. 30 euro C. 40 euro 5. Hoe betaalt de meneer? A. Met de pin B. Met contant geld C. Met een bon Volgende oefening → ← Terug naar overzicht