← Terug naar overzicht Luisteren B1 Een gesprek tussen een basisschoolleraar en een moeder over de voortgang van haar dochter. Lees mee (transcript)Meester Jan: Goedemiddag mevrouw El Amrani, fijn dat u er bent voor het tienminutengesprek over Samira. Mevrouw El Amrani: Goedemiddag meester Jan. Ja, ik ben erg benieuwd hoe het met haar gaat op school. Meester Jan: Over het algemeen gaat het heel goed. Samira is een rustig meisje en ze werkt geconcentreerd. Vooral met rekenen maakt ze grote stappen. Mevrouw El Amrani: Wat fijn om te horen! Thuis oefenen we ook veel met rekenspelletjes. Maar hoe gaat het met haar begrijpend lezen? Dat vond ze de vorige keer nog lastig. Meester Jan: Dat klopt, dat vindt ze nog steeds een beetje moeilijk. Ze kent de woorden wel, maar ze vindt het lastig om de hoofdgedachte van een tekst te begrijpen. Mevrouw El Amrani: Kunnen wij thuis iets doen om haar daarbij te helpen? Meester Jan: Jazeker. Het helpt enorm als u samen met haar boeken leest. Stel haar tijdens het lezen vragen over het verhaal, zoals: "Wat denk je dat er nu gaat gebeuren?" of "Waarom doet de hoofdpersoon dit?". Mevrouw El Amrani: Dat is een goede tip. We gaan elke week naar de bibliotheek, dus ik zal speciaal naar dat soort boeken zoeken. En hoe is het contact met de andere kinderen in de klas? Meester Jan: In het begin was ze wat verlegen, maar ik zie dat ze nu steeds vaker met Tess en Sophie speelt op het schoolplein. Ze hoort er echt helemaal bij. Mevrouw El Amrani: Wat een opluchting. Heel erg bedankt voor dit gesprek en de nuttige tips, meester Jan. 1. Waarom is mevrouw El Amrani op school? A. Om te praten over de voortgang van haar dochter Samira. B. Om Samira aan te melden voor een nieuwe school. C. Om te helpen bij een activiteit in de klas van Samira. 2. Welk schoolvak gaat volgens meester Jan erg goed? A. Begrijpend lezen. B. Rekenen. C. Geschiedenis. 3. Wat is het probleem van Samira bij begrijpend lezen? A. Ze kent te weinig Nederlandse woorden. B. Ze leest te langzaam. C. Ze vindt het moeilijk om de hoofdgedachte van een tekst te begrijpen. 4. Welk advies geeft meester Jan aan de moeder? A. Om elke dag dertig minuten rekenspelletjes te doen. B. Om tijdens het samen lezen vragen te stellen over het verhaal. C. Om een extra cursus begrijpend lezen te zoeken. 5. Hoe gaat het contact tussen Samira en de andere kinderen? A. Ze speelt nu vaak met Tess en Sophie op het schoolplein. B. Ze is nog steeds te verlegen om met anderen te spelen. C. Ze heeft ruzie gehad met een klasgenootje. Volgende oefening → ← Terug naar overzicht